Last update:  2017-11-08
Authentic Hongaars
Makelaardij en Aannemersbedrijf

Artikelen

Het Bükk gebergte


Dit bevindt zich in Noordoost Hongarije en is gelegen tussen de steden Eger en Miskolc. Het is een ruig kalkgebergte met steile rotsen en uitgestrekte bossen. Er zijn diepe valleien maar ook een groot plateau. Ook al zijn de hoogste toppen niet erg ver boven zeeniveau, toch waan je je, als gevolg van de grote relatieve hoogteverschillen, echt in de bergen. Het laagste punt in het Bükk-gebergte is 200 meter boven zeeniveau, de hoogste top reikt tot 958 meter, en heet Istállós-kö. Een bijzonder fraai deel van het Bükkgebergte wordt gevormd door het plateau dat op 900 meter ligt en bekroond wordt door de toppen van de zojuist genoemde Istállós-kö, de Tar-kö, de Orkö, de Három-kö, de Magos-kö en de Orvény-kö. Het totale gebied beslaat zo'n 61000 hectare, waarvan 43254 hectare beschermd gebied is en onder het Bükk Nationaal Park valt [Bükki Nemzeti Park] Het gebergte heeft sinds 1977 de status van nationaal park en is door de jaren heen uitgegroeid tot z'n huidige grootte. Negentig procent van het park is bos en voor tien procent bestaat het uit ruig struikgewas en gecultiveerde landschappen.

Het Bükkgebergte is een gebied van intensieve bosbouw. Verder wordt er gejaagd op klein wild. Tot op de dag van vandaag beoefent men er het kalkbranden en het kolenbranden. Dit zijn echter hoofdzakelijk activiteiten ten bate van de touristen en wel om te laten zien hoe het er hier in vroeger tijden aan toe ging. Bij het kalkbranden wordt het kalksteen, waar het Bükkgebergte hoofdzakelijk uit bestaat, in het vuur gelegd waardoor alle andere stoffen in het gesteente verbranden en er zuivere kalk overblijft. Kolenbranders legden zich toe op de productie van houtskool. Met beide soorten handelswaar voorzag menigeen die in het Bükk gebied woonde destijds in zijn levensonderhoud.

De vele grotten die het gebergte rijk is hebben er veel toe bijgedragen dat het de status kreeg van nationaal park. Hier bevindt zich bijvoorbeeld de diepste grot van Europa, de István-lápa die 254 meter diep en maar liefst 6700 meter lang is. In totaal zijn er in het gebied 1100 grotten bekend, waarvan er 52 streng beschermd worden. De redenen daarvoor zijn dat zich in tal van grotten bijzondere druipsteenformaties bevinden, maar ook dat er sporen gevonden zijn van bewoning door Neanderthalers, waaronder een vuurplaats. Verder werden er botten van de oerbison, de holenbeer en de mammoet opgegraven. Vier van de grotten in het Bükkgebergte zijn toegankelijk voor touristen. De bekendste zijn de Anna-grot en de Szent István grot [Sint Stefanus grot]

Niet slechts de grotten maar ook de bijzondere flora en fauna zijn van belang geweest voor de toekenning van de status van nationaal park. Zo telt het Bükk gebied zo'n 600 bijzondere bloeiende plantensoorten en nestelr de zeldzame Keizerarend er. Die laatste is voor zijn broedgebied afhankelijk van de rijke bebossing van het Bükkgebergte. Hij jaagt er onder andere op de kleine grondeekhoorns [Siesels genaamd] die voorkomen op de vlakkere steppengebieden. Daarnaast broeden met name de Slangenarend, de Schreeuwarend, de Oehoe [de grootste uilensoort] en bijvoorbeeld de Zwarte Ooievaar in de bergen van Bükk.

pict11Regelmatig is hier ook de Sakervalk te bewonderen. Van oorsprong broedde dit dier in het gebied maar nu heeft het een beter onderkomen gevonden in de vele kunstmatige nestkasten die elders boven in electriciteitspalen zijn geplaatst. Beren komen in het gebied niet voor maar die zijn wel te vinden net over de grenzen met Slowakije en Roemenië. Het Bükk gebied is daarentegen wel rijk aan wilde zwijnen, herten en reeën, moeflons, en de beschermde zoogdieren de wilde kat, de steenmarter en de hermelijn.

Bij voortduring worden kleine stukjes bos gekapt. Hierdoor ontstaat een heel gevarieerd bos dat als gevolg daarvan zeer rijk is aan vogels. Heel bijzonder is dat er in het Bükk gebied wel acht verschillende soorten spechten voorkomen. In het broedseizoen wordt de houtkap gestaakt om broedende vogels niet te storen.

Last but not least zijn er de Lippizaner paarden die grazen in de dalen van Bükk. Ze hebben hun bekendheid mede te danken aan de Spaanse rijschool in Wenen en er is zelfs een museum aan hen gewijd in Szilvásvárad dat gelegen is aan de rand van het Bükk Nationaal Park. Het museum biedt onder andere een overzicht van de geschiedenis van de kudde en de mooiste fokhengsten kunnen in de naburige stal bezichtigd worden.


pict1 pict4

Bukk omgeving

Vorige ◁ | ▷ Volgende